OZ jouw onafhankelijk gezondheidsfonds

Dossier allergie

Voor 20% van de Belgen gaat de lente hand in hand met snotteren, jeukende ogen en niezen door hooikoorts. Ook andere allergieën zijn in opmars: verwacht wordt dat 1 Belg op 3 binnen de 10 jaar allergisch zal zijn. Maar wat is allergie eigenlijk? En vanwaar die alarmerende stijging?
Allergie is een reactie van ons afweersysteem tegen onschadelijke stoffen uit onze omgeving. De stoffen die een allergische reactie veroorzaken, noemen we allergenen. Dat kunnen boom- of graspollen zijn, wespengif, bepaalde voedingsstoffen of de uitwerpselen van de huisstofmijt.

Op zich zijn deze stoffen onschuldig, maar de overdreven reactie van ons lichaam op zo’n stof kan ons ziek maken. Hoe kan dat? Ons lichaam maakt zelf antistoffen aan bij een eerste blootstelling aan het allergeen. Deze antistoffen hechten zich vast op de cellen van de huid en de luchtwegen. Bij een tweede contact met allergeen slaan deze cellen alarm: ze geven histamine vrij. Dat is een allergische reactie.

Je lichaam kan op verschillende manieren reageren op een allergeen:
  • Rhinitis: niezen, geïrriteerde luchtwegen, tranende ogen of een loopneus
  • Eczeem: jeukende huiduitslag
  • Astma: moeilijke of piepende ademhaling, kortademigheid en hoesten
  • Maag- darmklachten: pijn of diarree
  • Anafylactische shock: extreme reactie waarbij de bloeddruk sterk daalt in combinatie met flauwvallen, bewusteloosheid en zware ademhalingsproblemen. In het ergste geval kan het leiden tot verstikking.


Er is geen sluitende verklaring over waarom iemand allergisch reageert op bepaalde stoffen. Het is wel bewezen dat er drie factoren een rol spelen bij het ontwikkelen van een allergie:
  • Erfelijke factor: wanneer vader of moeder allergisch zijn, hebben de kinderen 30 tot 50% tot het ontwikkelen van een allergie. Wanneer beide ouders last hebben van allergieën, loopt dat zelf op tot 70%
  • Langdurige blootstelling aan allergeen: veel allergieën ontwikkelen zich pas na voldoende blootstelling aan het allergeen. Daarom kan een allergie ook op latere leeftijd ontstaan.
  • Omgevingsfactoren: vooral de factoren die een invloed hebben op je immuniteit spelen een rol, bv. luchtvervuiling, de inname van antibiotica of slechte voedingsgewoonten.
Hoewel die drie factoren een rol spelen, is het niet bewezen hoe het komt dat de ene persoon wel een allergie ontwikkelt terwijl iemand anders die met dezelfde factoren belast is, niet allergisch wordt.

Er zijn aanwijzingen dat een overdreven hygiëne, een onevenwichtige darmflora en een gebrek aan vitamine D een allergie kunnen veroorzaken, maar daar bestaat geen zekerheid over.



Het is heel belangrijk om eventuele allergieën op te sporen zodat je het allergeen kan vermijden en er eventueel een hyposensibilisatie gestart kan worden.
Bij het stellen van een diagnose is vooral jouw verhaal belangrijk. De arts zal je vragen naar welke klachten je precies hebt en op welk moment je er last van hebt.

Daarna kunnen er gerichte testen worden gedaan. Afhankelijk van het soort klachten kunnen dat huidtesten, bloedtesten of patchtesten zijn. 


Bij huidtesten worden er kleine krasjes in de huid gemaakt. Daar wordt een druppel van de allergeenoplossing op gelegd. Wanneer er na een tijdje een wit jeukend bultje ontstaat, weet je dat je allergisch bent voor die stof.

Een bloedtest wordt gebruikt om de antistoffen die de oorzaak zijn van een allergische reactie op te sporen.

Voor de diagnose van een contactallergie kunnen er patchtests worden gedaan . Je krijgt dan een kleefpleister met een beperkte dosis allergeen op je huid. Na twee dagen kan de dokter zien of je allergisch reageert.



Voor de meeste allergieën bestaat er geen behandeling. Als je weet waar je allergisch aan bent, kan je die stof best vermijden. Is dat niet mogelijk, dan kan je wel de symptomen bestrijden. Zo kan je bij rhinitis een neusspray gebruiken of een puffer bij astma. Raadpleeg wel altijd je huisarts want niet alle medicatie mag je gedurende een lange periode gebruiken.

Als de allergische reactie hevig is en de symptomen niet onderdrukt kunnen worden met medicatie, kan er bij sommige allergieën desensibilisatie of immunotherapie toegepast worden. Je wordt dan onder dokterstoezicht in contact gebracht met het allergeen. De dosis allergeen wordt steeds opgedreven totdat je er niet meer allergisch op reageert.

Het is perfect mogelijk dat een allergie verdwijnt. In principe neemt allergie zelfs af met de leeftijd. Uitzondering hierop is een contactallergie.

Vermoed je dat je een allergie hebt? Ga dan best eerst langs je huisarts. Hij of zij kan al de eerste testen doen. Je huisarts kan je eventueel doorsturen naar een specialist als dat nodig is. Bij geconventioneerde specialisten betaal je minder remgeld dan bij niet-geconventioneerde specialisten. 

De meest gebruikte opsporingsmethoden bij allergieën zijn priktesten en plaktesten. Hiervoor krijg je een tegemoetkoming. De specialist zal je de nodige documenten meegeven. Kleef er een kleefzegel op en bezorg ze aan je ziekenfonds.


Bron: